Huiselijk geweld en politie

De recente trieste gebeurtenissen, waarbij vrouwen door hun ex-partner werden gedood, heeft veel beroering teweeg gebracht. Met name de politie krijgt er in de media van langs, omdat zij eerdere aangiften van de slachtoffers niet serieus zouden hebben genomen en dat de ex-partners niet werden opgepakt.

In één geval was de politie er volgens mij wel erg snel bij om excuses aan te bieden voor het feit dat men eerdere aangiften onvoldoende serieus hadden genomen. Misdaadjournalist Peter R. De Vries maakte gretig gebruik van de ontstane situatie door via de media te roepen dat de politie een afpoeierloket zou zijn. Hij is echter nooit politieman geweest, ik daarentegen 43 jaar. Waarmee ik natuurlijk niets afdoe aan het gegeven dat er ook bij de politie zaken niet goed verlopen. Het is een zeer grote en complexe non-profit organisatie binnen een nog grotere en complexere samenleving. Last but not least is de politie ondergeschikt aan het bevoegde gezag en dient zij te handelen conform de daartoe geldende rechtsregels.

Huiselijk geweld en vechtscheidingen zijn vaak langdurige en zeer indringende gebeurtenissen. Soms komt het tot plotselinge uitbarstingen. De politie zit altijd tussen twee vuren en moet objectief en vooral onpartijdig blijven. Soms bemoeien zich nog zijdelings andere partijen met de kwestie.
Waarlijk geen gemakkelijke opgave.

Tijdens mijn loopbaan kreeg ik vaak te maken met huiselijk geweld. Als diender in uniform moest ik bij de mensen thuis bemiddelen, om escalatie te voorkomen. Als rechercheur nam ik aangiften op, verhoorde ik betrokkenen en maakte proces-verbaal op. Ik heb in heel wat zaken bemiddeld en aangiften opgenomen en ik kan, naar eer en geweten zeggen, dat er nooit een klacht is geweest dat ik de melder niet serieus zou hebben genomen. Feit was ook dat de meeste zaken zich jarenlang voortsleepten, of er iemand was opgepakt en veroordeeld, of niet. Zelfs gevangenisstraf, een straatverbod of andere voorwaarden weerhielden een dader er niet van om opnieuw op zoek te gaan naar de ex. Dan begon het hele circus opnieuw.

Rond 2006 nam ik deel aan een cursus huiselijk geweld voor rechercheurs. Daar leerde ik hoe protocollen en procedures moesten worden toegepast, want alles was vastgelegd in convenanten, een soort oorlogsverklaring aan geweldplegers binnen relaties. De cursisten werden dringend aangespoord dit geweld te stoppen. In een van de lessen vernam ik dat onderzoek had uitgewezen dat 25.000 Limburgers in het afgelopen jaar (2005) met huiselijk geweld te maken heeft gehad. Gemeente, politie en andere hulpverlenende instanties ondertekenden een convenant. Het viel mij op dat de politie in dat convenant als enige participant met een hoofdletter was geschreven. Op die manier werd het wel erg lastig om onpartijdig te blijven. In die tijd kregen wij per dag in ons district zo’n 2 tot 3 meldingen te verwerken. In totaal waren dat er in drie maanden tijd ongeveer 1000.

Schrikbarend en ontluisterend? Wellicht voor velen. Voor politiemensen dagelijkse kost.
Het is uiteraard warm aan te bevelen en te respecteren dat samenwerking plaatsvindt, dat dit niet altijd even gemakkelijk zal zijn en dat wij het ook niet redden met deze ingewikkelde materie als huiselijk geweld, zonder hulp van andere partijen. Dat was zo in 2006 en dat is anno 2015 nog steeds zo. Het is alleen ‘n stuk complexer geworden doordat regels omtrent echtscheidingen zijn veranderd en dat social media nu massaal worden gebruikt om zaken vast te leggen, maar ook om elkaar te bestoken met allerlei beschuldigingen, bedreigingen enz. Partijen laten zich meestal vertegenwoordigen door een advocaat, die uiteraard aan hun kant staat. Dit gedrag doorkruist vaak de meldingen over en onderzoeken naar huiselijk geweld.

Tijdens de cursus noemde de docente enkele malen de begrippen bewustwording en psychologie, in relatie tot het op een objectieve wijze vaststellen van huiselijk geweld. Wij moeten ons proberen bewust te worden van een schema dat een aantal stelregels behelst, die deze objectiviteit en met name ook de professionaliteit moeten waarborgen. Wij dienen vragen te stellen en niet te oordelen, het verhaal serieus nemen, rekening houden met psychologische achtergronden. Politiemensen mogen in een proces-verbaal nooit conclusies trekken. Dat doet het OM en uiteindelijk de rechter.
Wat mij vooral opviel was, dat de cursus sterk gericht is op het slachtoffer. Zo af en toe werd er wel over een pleger, een dader of een verdachte gesproken, maar de voornaamste acteur was toch wel het slachtoffer. Er werd tot mijn verbazing niet stilgestaan bij het onderdeel van de cursus: mythen en vooroordelen.

Dat zijn nu juist die zaken waar wij politiemensen zélf mee te maken hebben. Zelfreflectie is in zo’n cursus wel op zijn plaats, want de beste leerschool ben je zélf, wanneer je maar wilt, kunt en durft te kijken naar jezelf en je eigen zielenroerselen. Wanneer ik denk dat het slachtoffer de pleger wel tot geweld zal hebben gedreven, bekijk ik het slachtoffer vanuit het gezichtspunt van de dader. In werkelijkheid identificeer ik me dan onbewust met de opvattingen van de dader. Vind ik daarentegen dat het slachtoffer zich machteloos voelt en zich daardoor niet aan het geweld kon onttrekken, dan identificeer ik me met de opvattingen van het slachtoffer. Wie wil en kan zo ver gaan bij die zelfreflectie?

In de rol van politieagent zijn structuur, regelgeving en organisatie op z’n plaats. Zelfreflectie, bewustwording en emoties kunnen innerlijke chaos bij het individu veroorzaken, althans dat denken wij.
Bij politie en justitie gelden wetten en protocollen en men leeft in de overtuiging dat eenduidige toepassing de belangrijkste maatstaf is bij de bestrijding van huiselijk geweld. Men hoopt, dat er op die manier structuur in regelgeving en uitvoering ontstaat en als wij maar allemaal hetzelfde handelen, dan zal dit vanzelf leiden tot afname van het huiselijk geweld. En justitie moet daar natuurlijk op een evenredige manier haar eigen verantwoordelijkheid nemen.

Huiselijk geweld is iets menselijks, omdat er altijd mensen bij betrokken zijn. Wetten en regelgeving veranderen niets aan die menselijkheid. Inzicht en bewustwording stelt de mens in staat om zich zelf te ontwikkelen, te begrijpen en te veranderen. Pas dan zal er ook iets wezenlijks aan ons gedrag veranderen.

6 Comments

  1. De laatste alinea geeft wel weer wat er eigenlijk zou moeten gebeuren. Maar geeft tevens aan dat er dan onderwijs moet komen om ook tot dat inzicht te kunnen komen.
    Nu krijgen wij van alles onderwezen, toch nauwelijks iets over de werking binnen relaties en de opvoeding van kinderen. Dit zou toch een boel leed kunnen voorkomen, want de menselijke hersenen zoeken naar patronen om te leren en om te overleven.
    Vandaar dat er vaak van generatie op generatie dezelfde problematiek overgeleverd wordt als in de gezinssituatie aan de hand was. En dat komt omdat in de schaduw van de persoonlijkheid juist die herhaling in geprint zit. En de persoon dit als de normale realiteit ervaart – ook tegen beter weten in trekt hij/zij dit dus aan. Zodoende zijn zowel daders als slachtoffers uiterst gevoelig voor patronen die er in families lopen.

    En let wel, het zijn onbewuste zaken die niet eenvoudig helder te krijgen zijn voor de individuen in kwestie. Dat vereist inderdaad zelfreflectie en kennis van psychische stromen. De Kunsten kunnen hier als spiegel gebruikt worden, alleen juist op dit vlak zijn er enorme bezuinigingen en afvlakking.

    Het jammerlijke is dat economisch en kortzichtig denken juist de maatschappij meer geld en leed kost en dat er steeds zondebokken gezocht worden. Als er maar schuldigen aan te wijzen zijn.

    Alleen in die zin zijn er geen schuldigen, ze worden schuldig gemaakt.

    Reply
    • Anki,
      Dank voor deze uitgebreide en diepzinnige reactie. Kinderen worden opgevoed door hun ouders. Maar, als de ouders al zodanig zijn ontwikkeld (of juist niet) dat kinderen niet verder komen in hun ontwikkeling dan die van hun ouders, dan gaat het al fout aan de basis.
      Onderwijs kan de kinderen van die ouders op weg helpen om uit die patronen en structuren te breken. De kinderen zullen daar gevoelig voor moeten zijn.

      Kunsten kunnen inderdaad helpen bij die ontwikkeling, de vraag is of alle hedendaagse kunst daar écht toe bijdraagt. Er wordt vandaag de dag al snel iets onder de noemer kunst geplaatst.

      TV, theater, film zijn de schermen waarop wij (onbewust) onze dieperliggende onbewuste verlangens en begeerten projecteren.

      Reply
  2. Grotendeels mee eens Jacques.
    Alleen…de politie laat zich te weinig zien, onderbezetting wordt dan gesuggereerd. Kan zijn, ik weet het niet.
    Ik vond het alleen opvallend dat er vorige week zoveel politiekracht aanwezig was bij de Eneco toer, ik keek mijn ogen uit.
    Wat is nu belangrijker, zo vroeg ik mij af, die vrouw met haar doodskreet over de man die haar stalkte of het vlekkeloos verloop van een wielerkoers?

    Reply
    • Hallo Niek,

      Dank voor de reactie.
      Onderbezetting is al jaren een feit. Sowieso is de politie altijd onderbezet, want het zal onmogelijk zijn om elk misdrijf op te lossen, laat staan elke dader van een misdrijf voor de rechter te krijgen.

      Het gaat erom hoeveel de samenleving (via de politiek) over heeft voor veiligheid.
      Verder kan je de politiekracht rondom de Enecotour nooit vergelijken met wel of geen inzet voor een stalkingszaak. Ik begrijp jouw vraag wel, want voor burgers is niet zichtbaar wat politiemensen binnen de muren van een politiebureau doen. Tegelijkertijd laat de politie ook te weinig zien van wat er binnen gebeurt. Reality soaps ten spijt. Wanneer camera’s meedraaien krijg je een ander beeld dan wanneer deze niet aanwezig zijn. En wat je verder op tv ziet, is voornamelijk zwaar overdreven, zit vol met onwaarschijnlijke en vreemde clichés en klopt opsporingstechnisch en strafvorderlijk van geen kant.

      Reply
  3. Dag Jacques,
    Natuurlijk is een wielerevenement niet vergelijkbaar met het
    individuele leed van een persoon.
    Ik wil alleen aangeven dat het commerciële belang zoveel zwaarder weegt, ofschoon wij allemaal meebetalen aan politie- inzet. De voorbeelden, recent op TV, waren schrijnend.
    Laten wij hopen dat kamer vragen tot nadenken aansporen…

    Reply
  4. Daar heb je wel een punt Niek. Sommige evenementen hebben zoveel invloed op de gedachtegang van politici, bestuurders en ook de politietop, dat er prioriteit aan wordt gegeven. Bij een andere wielerkoers (b.v. een criterium) zie je nauwelijks nog politie.
    Opportunisme voert de boventoon wanneer er heel veel media-aandacht is voor een evenement.

    Reply

Laat een bericht achter.