De moordaanslag op Peter R. De Vries maakte diepe indruk op velen. Zo ook op politiemensen, die direct na de aanslag ter plekke waren en geconfronteerd werden met de gevolgen van dit grof geweld op de journalist. Op Internet gingen veel foto’s viraal waarop jonge politiemensen (studenten) met ontzetting, angst en ongeloof keken naar wat er allemaal binnen hun gezichtsveld afspeelde.
Op mij, als gepensioneerde politieman, maakten die foto’s een enorme indruk, omdat ik daarin zag, wat voor impact zo’n heftige gebeurtenis heeft op politiemensen. Op sommige foto’s stonden drie jonge vrouwelijke politiestudenten, dicht tegen elkaar, soms handen voor het gezicht en in hun ogen de zichtbare ontzetting. Het raakte mij zo sterk, dat ik spontaan het volgende gedicht schreef. Ik heb bewust geen foto erbij geplaatst omdat de woorden van dit gedicht voor zich spreken.
Woordeloos
wanneer jij niets vermoedend
in gedachten verzonken
de aanslag tegemoet loopt
als schoten klinken
mensen verbaasd opkijken
of geschrokken wegduiken
een ijselijke kreet klinkt
geconfronteerd met lijden
om hulp wordt gesmeekt
wanneer jij daar ligt
geen woorden meer kent
niet weet wat er is gebeurd
dan wordt er ijlings
gezocht naar woorden
van troost en medeleve
camera’s zoemen naarstig
registreren de plaats delict
het slachtoffer is roerloos
wanneer jij daar ligt
dan zijn er altijd anderen
die geen woord te veel is
er wordt gespeculeerd
wat is er aan de hand?
we weten het nog niet
vaagheden, onduidelijkheid
we wachten op nader bericht
aan woorden geen gebrek
maar jij ligt daar op straat
zonder het te weten
woordeloos
© Jacques Smeets
